De openingszin van deze week komt uit het boek Wij zijn licht (2020) van Gerda Blees.
De roman gaat over een woongroep waarin bewoners ervoor kiezen om niet meer te eten, met alle gevolgen van dien. Ieder hoofdstuk opent met een andere identiteit die zich introduceert achter de vertellende instantie ‘wij’: in het eerste hoofdstuk zijn ‘wij’ ‘de nacht’, in hoofdstuk tien ‘een vlinder’, in hoofdstuk twaalf ‘twee sigaretten’. In hoofdstuk zeventien zijn ‘Wij […] het verhaal’, waarin er een unieke confrontatie ontstaat tussen de verteller, het verhaal, de schrijver en de lezer: ‘(…) zeker niet in combinatie met u, de lezer, want bedoeld of onbedoeld hebt u net zo goed als de schrijver schuld aan alle onduidelijkheid.’ (p. 147) Het contrast tussen de openingszin, ‘Wij zijn de nacht’, en de titel Wij zijn licht, is een concrete illustratie van de vele intrigerende spanningen in de roman.

Laat een reactie achter